Zeven Provinciën

1665
Nederland

De Zeven Provinciën werd oorspronkelijk gebouwd voor de Rotterdamse Admiraliteit, maar is beroemd geworden als vlaggenschip van admiraal Michiel Adriaenszoon de Ruyter. In de zeevaartgeschiedenis zijn schip en admiraal uitgegroeid tot een twee-eenheid.

Michiel Adriaenszoon de Ruyter werd op 24 maart 1607 in Vlissingen geboren. Zoals velen in die tijd ging hij als elfjarige naar zee. Reeds in 1633 voer hij als stuurman en drie jaar later had hij het commando over een particuliere kruiser, uitgerust tegen de Duinkerker kapers. In de 1e Engelse oorlog werd hij vice-admiraal en in de 2e Engelse oorlog luitenant-admiraal van Holland en West- Friesland, en tevens opperbevelhebber van de gehele vloot. Tegenover een dikwijls overmachtige vijand wist hij zich te handhaven en internationaal gezien werd hij de grootste vlootvoogd van zijn tijd. Op 69-jarige leeftijd raakte hij gewond bij de Battle of Syracusse op 22 april 1676, een zeeslag tegen de Fransen bij Sicilië. Een week later bezweek hij aan zijn verwondingen en werd het stoffelijk overschot, door het schip “De Eendracht”, teruggebracht naar Holland. Alwaar hij in de Nieuwe Kerk in Amsterdam werd bijgezet.

De Zeven Provinciën was een enorm oorlogsschip met een tachtigtal kanonnen van verschillende grootte aan boord. Zo waren er op het lage dek 28 grote 36- ponders. Op het bovenste dek 26 gemengde 18/12-ponders. Daar weer boven en achter nog 26 bronzen 6-ponders. Het ontwerp en de constructie van het schip waren de mooiste uit die periode en uitgevoerd met vele prachtige decoraties en houtsnijwerk. Het tafereel op de bovenspiegel is het Wapen van Holland met beelden van Vrouwe Justitia en van de Vrede. Héél indrukwekkend, maar tevens de zwakste zijde van het schip. Een voltreffer, geconcentreerd op de spiegel zou immers in één klap alle vitale delen en de batterijen, van achter naar voor uitschakelen.

De Zeven Provinciën heeft meegevochten in alle Engelse Oorlogen. De Engelse vloot operaties waren gericht op het afsluiten van de doorgang voor het handelsverkeer van de Nederlandse koopvaart. Het openhouden van het Kanaal was dan ook van groot belang voor honderden Nederlandse koopvaarders. Een bekend treffen in de 1e Engelse Oorlog was de Slag bij Dungeness 1652. Bij de 2e Engelse Oorlog was het meer de bedoeling de Engelse vlootmacht uit te schakelen. Zoals gebeurde bij de Vierdaagse Zeeslag en de Nederlandse poging de Britse reservevloot schade toe te brengen bij de “tocht naar Chatham” 1667. Terwijl het Franse leger ons land binnenviel, werd de laatste zeeslag in de 3e Engelse Oorlog uitgevochten bij Kijkduin. Deze eindigde onbeslist, maar de Engelse en Franse vijanden trokken zich wél terug.

Na deze roerige periode kwam de Zeven Provinciën nog onder commando van o.a. Jan van Brakel 1678, Jan Snellen 1691 en als laatste onder Evert de Lieffde. Tenslotte werd het schip na 30 jaar trouwe dienst afgedankt en voor de sloop verkocht.